Helaas moesten we het stellen zonder de lijfelijke aanwezigheid van onze topcoach Dries met zijn goddelijke lichaam. Dries was namelijk in het geniep bezig met het uitvoeren van verkennende werkzaamheden en het plaatsen van dwaalsporen in de heuvels gelegen in de driehoek s’Heerenberg – Beek – Zeddam. Daar zal later dit jaar de Montferlandrun plaatsvinden, waarbij Govadianen in een enorme kudde zullen uitrukken. Dries is er veel aan gelegen om hier het onderste uit de kan te vragen van zijn team om eindelijk eens gevolg te geven aan zijn enorme scoringsdrang en wat tactische tips & tricks kunnen dan vast geen kwaad, aldus zijn gedachtegang.

Ondanks dat stonden er toch heel wat atletische gestaltes in het grijs-oranje op maat gesneden Covadis shirtje startklaar voor de Halve Marathon van Doetinchem, hun blote benen glimmend van het aerodynamische vet, de kuiten stevig aangespannen en de navel ingetrokken tot aan het stuitbeen, vastbesloten om een mooie prestatie neer te zetten, waar Dries nog tot in lengte van dagen over op zal scheppen bij concurrent-coaches. Het startpistool knalde… Niemand werd geraakt; hulde voor de schutter!

In een stevig tempo ging het de baan een keer rond en huppakee via het achterhek de openbare weg op richting het buitengebied tussen Zelhem en Doetinchem. De snelste Govadiaan, vanwege de langste benen – de grootste haast – of gewoon een snelheidsduivel, was al snel uit het zicht, maar anderen vormden een sociaal groepje waar in gekwetterd werd dat het een lieve lust was. Met een strak schema van 5 minuut 15 à 20 op de kilometer vloog het asfalt, zand en klinkers onder onze voeten door, daarbij luidkeels aangemoedigd door kleumende supporters, onderwijl genietend van al het moois dat de Achterhoek te bieden heeft voor hij of zij die daar de zintuigen voor openstelt ten minste.

Al lopend kom je al gauw in een meditatieve trance en  aangewakkerd door rond gierende gelukshormoontjes kan het dan zo maar gebeuren dat de onzin-generator pruttelend tot leven komt. De lange laan richting kasteel Slangenburg deed een geharnaste ridder op een wit paard, katta-klop – katta-klop, opdoemen die na een lange veldtocht hunkerend wederkeerde naar zijn geliefde jonkvrouw die geduldig zat te wachten op de rand van het aan één kant onbeslapen ledikant. Echter, hij stonk nogal uit zijn vizier, want sanitair ontspannen in een harnas is een onmogelijkheid en de natuur laat zich niet tegenhouden. Even poedelen in de slotgracht was onmogelijk, want die stond droog door de regenloze zomer. Bovendien kreeg hij zijn harnas toch niet uit; vanwege zijn hunkerend orgaan zat alles loeistrak.

Toen moesten we de bocht al weer om richting IJzevoorde, dus hoe bovenstaande is afgelopen laat zich raden. De vermoeidheid sloeg toe en daarmee leerden we een normaal gesproken nette Govadiaanse kennen als een ware vocabulist als het op krachttermen aankomt (een milde was “#G$v&d!!, die K€t-gelletjes werken voor geen zak, alleen maar geldklopperij!” en het diepe zuchten dat daarmee gepaard ging nam het voordeel van ‘wind-in-de-rug-richting-finish’ grotendeels weg. Wat te doen om de aandacht van dit lijden af te leiden… Een list was nodig!?!… Rebirthing-therapy, dattizzum! Nog 900 meter te gaan; ieder 100 meter staat voor een maand zwangerschap… 800… 700… … 300 (bobbelbuik niet meer te ontkennen!)… 200… 100… Het indalen kan beginnen… Floep het fietsentunneltje bij Doetinchem-Noord in… Even persen… D’r uut… Als herboren, en dan niet koud en kledderig op zeiltje tegengehouden door een navelstreng… Nee vol energie klaar voor de laatste 2 ½ km richting de meet. Daar stond reeds de snelste Govadiaan; hij was zelfs zo snel (1uur 31 minuten) dat zijn banaan al bruin was toen de middenmoters bij binnenkomst een nog onrijpe variant kregen uitgereikt. De grijs-oranje vlek op het Argo-terrein dijde alsmaar uit; nieuwe finishers voegden zich bij de reeds gearriveerden en gezamenlijk werd gewacht op wat nog komen moest. Schouderklop en high-five… Met het team-gevoel zit het wel goed bij de Govadianen. Op naar de Montferland-run!